Wat heeft bol.com met online leren te maken?

Er was geen plek meer vrij, mensen waren enorm verrast en je voelde een golf van inspiratie door de zaal heen gaan. Daarom doe ik graag ook verslag van de sessie die wij vanuit TinQwise zelf gaven: ‘Wat heeft bol.com Lees meer...

Marcel de Leeuwe, Hans de Zwart: Self Organised Learning

Self Organised Learning, Do It Yourself Learning, Het Nieuwe Leren... Hoe we het ook noemen, we gaan er veel over horen in deze sessie. We gaan het zelfs zelf ervaren. "Maar vooral," zegt Hans de Zwart, "we gaan niet vertellen Lees meer...

Claire Boonstra: Van niet naar wel

Claire Boonstra heeft als laatste keynote iedereen in de zaal anders naar de wereld, het bedrijfsleven en leerprocessen laten kijken. De ene positieve tweet na de andere kwam voorbij via #ele13. Ook zorgde haar verhaal voor goede discussies. Volop reuring Lees meer...

Dale Stephens: New education please!

"The end of university" is de pakkende slogan waar Dale Stephens mee begint. "Uncollege is de huidige universiteit: leren buiten het systeem om, gericht op individuals, en met behulp van workshops en come togethers in de weekenden." Hij had direct Lees meer...

ITS2012 Day 2: Serious Game Design

Around 5 PM during the 2nd day of the Intelligent Tutoring Systems Conference, prof. Bertrand Marne presented a design pattern library for mutual understanding and cooperation in serious game design. According to Marne, serious game design is about collaboration that Lees meer...

Jane Hart: Social workplace learning

Jane Hart is de founder van C4LPT (Centre for Learning and Performance Technologies) en werkt samen met de Internet Time Alliance. Ze helpt organisaties om slimmer te werken.

Ze vertelt ons over drie dingen:

  • Hoe mensen nu social media gebruiken op hun werk.
  • Hoe organisaties daarop reageren en social technologies gebruiken
  • En welke frameworks zijn er om ons te helpen?

 

Ze heeft allereerst een top 100 tools lijst, die ze elke jaar publiceert. Opvallend is dat het vooral gratis online tools zijn, dat het veel social tools zijn en veel minder content creation tools. Een andere observatie is de crossover van persoonlijke tools naar gebruik tijdens het werk (zoals Facebook en Twitter) en het gebruik van persoonlijke oplossingen om IT-frustraties  op het werk op te lossen. Ze werken om de bestaande, rigide en van boven opgelegde tools heen: Jane noemt ze smart workers. Ze zijn vaak jong(er), nieuwsgierig, durven en zijn voortdurend op zoek naar nieuwe manieren van werken.  Jane noemt acht concrete kenmerken:

  1. Ze leren continue nieuwe kennis en skills, zowel formeel als in nog veel grotere mate informeel. Overal en altijd.
  2. Ze willen directe toegang tot oplossingen. Nu, meteen. Ze gebruiken daarvoor online tools als Youtube, Google, Wikipedia en Slideshare op een intuïtieve manier.
  3. Ze delen hun kennis en skills graag met anderen, in de organisatie maar ook online met en voor mensen die ze helemaal niet kennen.
  4. Ze vertrouwen tegelijk ook op een netwerk van vrienden de collega’s. Dit is echter niet meer een lokaal netwerk, maar een globaal netwerk via Facebook, LinkedIn, Google+ en specialistische vertrouwde netwerken voor een specifiek onderwerp. Ze gebruiken deze netwerken efficiënt en effectief voor vragen en antwoorden, ideeën, brainstormen, updates…
  5. Ze leren het beste en het meeste met anderen. Ze werken niet graag compleet individueel, maar in een sociale context. They work, learn and have fun all at the same time.
  6. Ze blijven voortdurend up to date via ongoing online access.  Ze aggregeren deze inhoud voortdurend via intelligente tools.
  7. Ze reflecteren continue op hun productiviteit en willen deze altijd verbeteren. Het gaat niet om het gebruiken van nieuwe gadgets, maar om het gebruiken van gadgets om slimmer te werken.
  8. Ten slotte zijn smart workers autonoom. Ze hebben een interne drive om te werken en te leren. Ze zijn intrinsiek gemotiveerd en willen niet gecontroleerd worden, maar meegenomen en ondersteund in hun leer- en werkprocessen.

Dan gaan we van individuen naar organisaties. Hoe gebruiken organisaties online (social) tools? Organisaties volgen vaak veel later dan individuen. Maar ook van organisatie tot organisatie verschilt de uptake en mate van innovatie. Er zijn altijd een paar early adopters, een early en late majority en de zogenaamde laggards: in het geval van social media verbieden deze alle toegang tot en gebruik van social media tools. Als dit wel mag binnen de organisatie, is het vaak nog erg ad hoc en ongeorganiseerd. Pas sinds kort is er steeds meer aandacht voor een georganiseerde vorm van social media gebruik. Dit soort organisaties zijn early adopters en Jane noemt ze social businesses. Ze gebruiken niet alleen social media, maar cultiveren samenwerking en een gevoel van community via deze tools. En meer. Social is meer dan een feature of een app: het draait om mensen. Stop talking about social as a distinct entity, assume it in everything you do (Paul Adams).

Jane Hart werkt met deze early adopters, die zich geen zorgen maken om ROI of de mogelijkheid dat ze misschien zouden kunnen falen. Ze helpt deze organisaties met frameworks, templates en het operationaliseren van een visie. Ze presenteert een 70:20:10 framework, waarvan 70+20=90% experimenteel leren is en slechts 10% formeel leren. Dit is voor veel organisaties en leerprofessionals even schrikken! Want hoe gaan we dan om met dat experimentele leren? Jane laat een complex in elkaar grijpend model zien waarin operationalisaties (vormen, materialen, bronnen) staan van dit experimentele leren. De kern wordt gevormd door – daar is het toverwoord weer – blended learning. We gaan van traditionele training naar een nieuw paradigma van sociaal, blended en samenwerkend leren.

Dit kunnen we mensen echter niet zomaar vertellen (wat Jane hier eigenlijk natuurlijk wel doet). Mensen en organisaties moeten dit ervaren. En daar ligt Jane’s passie.

De hele presentatie, white paper en meer is te vinden op: bit.ly/liswpwp

Posted on in congres, ele12

Voeg een reactie toe